Er zijn opnieuw een paar belangrijke knopen doorgehakt die doorwerken tot in het dagelijkse leven: hoe de politie informatie bijhoudt wanneer iemand wordt opgepakt, hoe Vlaanderen de waarde van grond voortaan op een vaste manier laat schatten (met gevolgen voor vergoedingen en heffingen), en hoe enkele regels in het economisch recht worden geschrapt. Dit zijn geen kleine technische ingrepen: ze bepalen mee hoe transparant de overheid moet werken, hoe voorspelbaar bedragen worden, en welke gegevens over burgers worden opgeslagen.
Politie krijgt één digitaal ‘register van vrijheidsbenemingen’ met vaste inhoud en regels
Wanneer iemand van zijn vrijheid wordt beroofd (bijvoorbeeld bij een bestuurlijke of gerechtelijke arrestatie), moet dat voortaan in één centrale, geïnformatiseerde toepassing worden geregistreerd. Die toepassing wordt beheerd door de federale politie en ter beschikking gesteld van de geïntegreerde politie.
Het register krijgt een vaste ‘checklist’ van informatie die moet worden ingevuld. Denk aan: een volgnummer en datum, het soort vrijheidsbeneming of de reden van vasthouding, identiteitsgegevens (zoals gekend in het Rijksregister, of de vermelding dat identificeren niet lukte), de plaats van opsluiting met celnummer, én heel concreet wat er gebeurde: datum/uur/plaats van de vrijheidsbeneming, reden, wie de vrijheidsbeneming uitvoerde, relevante info over zichtbare fysieke toestand en gedrag, en eventuele dwangmaatregelen.
Belangrijk voor rechten en privacy: het register is niet zomaar een “nota”. Het is een officiële gegevensbank met duidelijke doelen: het beheer van de vrijheidsbeneming (met de rechten en plichten die daarbij horen), hulp om personen te lokaliseren in politie-opdrachten, en controle door bevoegde overheden op de naleving van die rechten en plichten. Toegang wordt dus ook geregeld via profielen (wie mag wat zien), en elke raadpleging wordt gelogd zodat achteraf kan worden nagegaan wie het register wanneer gebruikte.
Ook de bewaartermijnen liggen vast via de regels in de politiewetgeving waarnaar het besluit verwijst. En er is een extra waarborg: het register wordt voor kennisname voorgelegd aan de betrokkene, en er wordt genoteerd op welke manier die kennisname gebeurde. Bovendien moet een verantwoordelijke officier het register nauwgezet laten bijhouden en controleren.
De praktische impact: dit maakt het moeilijker dat cruciale stappen “tussen de plooien” vallen. Het creëert één spoor van feiten en handelingen tijdens de vrijheidsbeneming: van het moment van oppakken tot het moment van vrijlating. Voor burgers betekent dit doorgaans meer controleerbaarheid en minder afhankelijkheid van losse systemen of lokale gewoontes.
De inwerkingtreding is vastgelegd op 1 maart 2027.
Meer lezen:
Vlaanderen standaardiseert de schatting van de ‘eigenaarswaarde’ van een perceel
In Vlaanderen komt er één gestandaardiseerde methode om de waarde van onroerende goederen te schatten wanneer die ‘eigenaarswaarde’ nodig is. Dat is vooral relevant in situaties waar de overheid ingrijpt in bestemmingen of gebruiksmogelijkheden van grond, en er vergoedingen of heffingen op het spel staan.
De kern is: niet langer afhankelijk van uiteenlopende lokale schattingen, maar een vaste rekenmethode in stappen. Een perceel wordt eerst opgedeeld in perceelsdelen op basis van belangrijke waardefactoren. Daarna wordt per perceelsdeel gewerkt met vergelijkingspunten (vergelijkbare verkopen) om tot een referentieprijs per vierkante meter te komen. Die prijs wordt vervolgens bijgesteld met correcties, onder meer voor oppervlakte en een jaarlijkse index, en met factoren die rekening houden met specifieke kenmerken. Tot slot worden de waardes van alle perceelsdelen opgeteld, met eventuele bijsturing voor aanwezige constructies en opstanden.
Waarom dit telt voor eigenaars: een gestandaardiseerde methode kan de uitkomst merkbaar beïnvloeden. Wie in een dossier terechtkomt (bijvoorbeeld bij een ruimtelijke ingreep) krijgt vaker een schatting die beter te vergelijken is met andere dossiers. Dat verhoogt de voorspelbaarheid, maar kan er ook toe leiden dat sommige eigenaars hoger of net lager uitkomen dan onder een meer “vrije” schattingspraktijk.
Er zit ook een duidelijke beleidslogica achter: de methode is opgezet om gelijke behandeling te geven en om de schatting beter te onderbouwen, door te vertrekken van courante verkopen en die via coëfficiënten te verfijnen volgens de kenmerken van het goed.
De methode treedt in werking de dag na bekendmaking.
Meer lezen:
- Nota aan de Vlaamse Regering: gedetailleerde beschrijving gestandaardiseerde methode eigenaarswaarde met stappen (perceelsdelen, vergelijkingspunten, referenti…
- Beslissingen Ministerraad 03 april 2026: wijziging besluiten voor standaardisatie bepaling eigenaarswaarde gronden
Planbatenheffing: gebruikte eigenaarswaardes moeten voortaan expliciet worden verantwoord
De planbatenheffing is het principe dat wanneer een perceel door een planwijziging meer waard wordt (bijvoorbeeld omdat bouwen plots makkelijker wordt), de overheid een deel van die meerwaarde kan heffen. In dat soort dossiers staat of valt veel met de waardes die men gebruikt om die ‘vermoede meerwaarde’ te berekenen.
De wijziging maakt het concreter en transparanter: de eigenaarswaardes die worden gebruikt in die berekening moeten voortaan uitdrukkelijk worden verantwoord in een verslag. Dat verslag wordt als bijlage toegevoegd bij het ontwerp van het meerwaarderapport.
De impact voor burgers en eigenaars: dit creëert een duidelijkere “rekensom op papier”. Niet alleen het eindbedrag, maar ook de gekozen waardes en de onderbouwing ervan worden zichtbaar en gestructureerd. Dat kan discussies niet volledig vermijden, maar het maakt ze wel concreter: het debat gaat minder over indrukken en meer over aantoonbare stappen, vergelijkingspunten en correcties.
Er is ook aandacht voor gelijke behandeling in lopende en nieuwe dossiers. Omdat zowel vergoedingsdossiers als heffingen door meerdere stappen gaan (met onder meer een schaderapport of meerwaarderapport vóór de finale beslissing), wordt expliciet gemaakt hoe de aangepaste regeling moet doorwerken om eigenaars in vergelijkbare situaties niet anders te behandelen enkel omdat ze net vóór of net na de inwerkingtreding een aanvraag indienden.
De praktische conclusie: wie met een planbatenheffing te maken krijgt, kan vaker een beter gemotiveerd dossier verwachten—met minder ‘black box’-gevoel rond de gebruikte eigenaarswaarde.
Meer lezen:
- TBO Bouwshift comments.pdf (documentserver.uhasselt.be)
- sb100424 1.pdf (emis.vito.be)
- 1018252.html (codex.vlaanderen.be)
Federale economie/digitalisering: enkele artikelen in Boek XII worden geschrapt
Op federaal niveau verdwijnen drie bepalingen uit Boek XII van het Wetboek van Economisch Recht: de artikelen XII.41, XII.42 (als volledige sectie) en XII.44 worden geschrapt.
Wat dit in de praktijk betekent: regels die nog maar recent waren ingevoerd, worden terug uit het wetboek gehaald. Dat is meestal een signaal dat de wetgever het kader wil hertekenen: soms omdat er overlap is met andere regels, soms omdat de aanpak in de praktijk niet werkte zoals bedoeld, of omdat men een andere weg inslaat voor toezicht en bescherming.
Voor consumenten en ondernemingen draait de impact vooral om duidelijkheid: wanneer artikelen verdwijnen, verschuiven verplichtingen en rechten vaak naar andere bepalingen in hetzelfde boek, naar andere hoofdstukken, of naar uitvoeringsregels. Het effect voelt dus niet altijd als “minder regels”, maar wel als “andere regels”: andere definities, andere procedures of een andere plaats waar je moet kijken.
Belangrijk om mee te nemen: wie producten of diensten aanbiedt (zeker in digitale contexten) doet er goed aan interne procedures en standaardteksten up-to-date te houden wanneer het wetboek wijzigt. Voor consumenten zit de verandering vooral in hoe bescherming precies wordt vormgegeven en afgedwongen, niet noodzakelijk in het verdwijnen van het idee ‘bescherming’ zelf.
Meer lezen:
- sl news future law2025 2026 56 1235 nl (stradalex.com)
- wer xv de strafrechtelijke handhaving van dit wetboek en zijn uitvoeringsbesluiten (credit2consumer.be)
Deze analyse is automatisch gegenereerd op basis van het meest recente Belgisch Staatsblad. De geselecteerde onderwerpen zijn gekozen op basis van hun verwachte impact op het dagelijks leven van Belgische burgers.
Belangrijk: Dit artikel bevat een samenvatting en interpretatie. Raadpleeg altijd de officiele teksten in het Belgisch Staatsblad voor de volledige en bindende informatie.
Gegenereerd op: 07/05/2026 om 07:15